Monitor Vrouwelijke Hoogleraren
De 'Monitor Vrouwelijke Hoogleraren' beschrijft de stand van zaken van vrouwen in wetenschappelijke functies en besluitvormingsorganen in Nederland.
Onderzoeksvraag
In welke mate stromen vrouwelijke wetenschappers door naar hogere functies?
Belangrijkste conclusies
Veel uitval in carrièrepad
Uit de Monitor blijkt dat het aandeel vrouwen sterk afneemt bij elke stap in de wetenschappelijke carrière: van 52% afgestudeerden, via 43% promovendi, 31% universitair docenten, 18% universitair hoofddocenten naar 12% hoogleraren.
Nederland scoort slecht in Europa
Het percentage vrouwelijke hoogleraren in Nederland is laag vergeleken met dat van andere EU-landen. Nederland bezet de 23ste plaats. Alleen België, Malta, Cyprus en Luxemburg hebben een lager percentage vrouwelijke hoogleraren.
Streefpercentages niet gehaald
Het percentage vrouwelijke hoogleraren is de afgelopen jaren met een half procent per jaar gestegen. Zet de groei zich in dit tempo voort, dan haalt Nederland pas in 2030 het streefpercentage dat de EU zich stelde voor 2010: 25% vrouwelijke hoogleraren in alle EU-landen. Landelijk kan het kan het door OCW bijgestelde streefpercentage van 15% in 2010 pas in 2014 worden gehaald. Toch overschreden drie universiteiten dit percentage al eind 2008: Radboud Universiteit Nijmegen (16,7%), Universiteit van Amsterdam (16,5%) en Universiteit Leiden (16,3%).
Vrouwelijke hoogleraren verdienen minder
Vrouwelijke hoogleraren verdienen minder dan mannelijke hoogleraren. In schaal 15 of 16 zit 79% van de vrouwelijke hoogleraren en 53% van de mannelijke. In schaal 17 of 18 zit 19% van de vrouwelijke hoogleraren en 41% van de mannelijke.
Vrouwen ondervertegenwoordigd in bestuursorganen
In universitaire bestuursorganen zijn vrouwen relatief slecht vertegenwoordigd. De percentages vrouwen zijn: 7% van de leden van de colleges van bestuur, 5% van de decanen, 6% van de onderzoeksdirecteuren en 24% van de onderwijsdirecteuren. In de raden van toezicht is het percentage vrouwen relatief hoog, 31%. Dit is waarschijnlijk een gevolg van de wettelijke bepaling dat in deze raden minstens één vrouw moet zitten.
Pensionering babyboomers biedt kansen
De komende jaren ontstaan kansen om de groei van het aantal vrouwelijke hoogleraren te versnellen. De hoogleraren uit de babyboomgeneratie gaan immers met pensioen. Het gaat om 625 hoogleraren, van wie 95% man is. Het potentieel aan vrouwelijke universitaire hoofddocenten is groot genoeg om een flink aantal van hen op te volgen, namelijk 63%.
Uitvoerende instanties
De 'Monitor Vrouwelijke Hoogleraren' wordt uitgegeven in samenwerking van Stichting de Beauvoir, Vereniging van Universiteiten (VSNU), Landelijk Netwerk Vrouwelijke Hoogleraren (LNVH) en Sociaal Fonds voor de Kennissector (SoFoKleS).
Publicatiedatum
Oktober 2009
Meer informatie?
Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2009 (pdf, 615 kB)
Monitor Women Professors 2009 (pdf, 856 kB)
Contact
Marieke van der Plas, senior beleidsmedewerker
T: (070) 376 57 80
E: m.vanderplas(at)caop.nl